Pistool Arthur Seyss-Inquart

In de Haagse Ridderzaal wordt Arthur Seyss-Inquart, sinds 1938 lid van de SS, op 29 mei 1940 geïnstalleerd als rijkscommissaris voor bezet Nederland. Hij is Hitlers vertegenwoordiger, en bepaalt in hoge mate het Duitse beleid in Nederland.

Tijdens zijn installatie probeert hij de Nederlandse bevolking voor zich te winnen; hij verklaart dat Nederlanders een Germaans broedervolk zijn. In de loop van de oorlog merkt hij dat zijn woorden weinig effect hebben op de bevolking. Zijn beleid wordt onder druk van SS-chef Rauter steeds meedogenlozer.

De arrestatie van Seyss-Inquart
"Oud-majoor Hugh Roberts vertelde dat hij als jonge kapitein in een regiment van militairen uit Wales (Royal Welch Fusilier) op 6 juni in Normandië landde. Nadat ze uit Normandië uitbraken, vocht hij door Frankrijk, België, Holland en toen in Duitsland. Na meer zware gevechten waren Roberts en zijn regiment de eersten die de Rijn in het Noorden overstaken. Toen ze vlak voor Hamburg waren, gaf Duitsland zich over en stroomden veel Duitsers en Nederlandse collaborateurs de Elbe over, waar majoor Roberts een wachtpost plaatste. Vanuit zijn commandopost kon hij dit goed overzien en op een gegeven ogenblik stopten zijn wachtposten een grote Duitse auto. Hij ging kijken wat er aan de hand was en ontdekte dat het hoge Duitse officieren waren. Een officier kwam uit de auto en verzocht doorgang omdat er een belangrijke generaal, Seyss-Inquart, in de auto zat die door wilde. Roberts eiste dat de man uit de auto stapte en vroeg of hij wapens bij zich had. Hij antwoordde ontkennend, maar Roberts vond een klein pistool in zijn achterzak. Vervolgens werd hij overgebracht naar het hoofdkwartier waar de MP het overnam".

 

 

Eén van de aanwezigen bij de arrestatie was een 27 jarige tolk uit Nederland. Tijdens de Tweede Wereldoorlog studeerde hij elektrotechniek aan de TH Delft (nu TU Delft). Na enige tijd werd hij, zoals vele andere studenten wegens studentenverzet opgepakt. Eerst zat hij gevangen in kamp Amersfoort en later in Vught. Van daaruit kwam hij in Eindhoven terecht, waar hij werkzaam was bij Philips als student/werkende. In september 1944 werd Eindhoven bevrijd, hij sloot zich als tolk aan bij de Royal Welsh Fusiliers. Hij moest een Engelse achternaam aannemen omdat een Nederlander officieel niet in het Engelse leger mocht dienen.

De tolk kreeg het wapen van Seys-Inquart mee als souvenir, omdat hij uit Nederland kwam en Seyss-Inquart tenslotte rijkscommissaris voor bezet Nederland was. Tot aan zijn overlijden bewaarde de hij het wapen thuis, waarna het bij één van zijn kinderen terecht kwam. Op een gegeven ogenblik kwam het wapen weer tevoorschijn en werd besloten het wapen te schenken aan het Bevrijdingsmuseum Zeeland.

Bevrijdingsmuseum Zeeland
Het Bevrijdingsmuseum met daarbij het bijbehorende 3 hectare grote Bevrijdingspark toont de bewogen geschiedenis van Zeeland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Slag om de Schelde, met als doel de Atlantikwall te doorbreken en de aanvoerlijn naar de havens van Antwerpen vrij te maken, neemt een prominente plaats in. Na 85 dagen van intensieve strijd, kan het eerste schip de Westerschelde opvaren. Daarmee komt het vastgelopen geallieerde offensief in beweging en is het einde van de Tweede Wereldoorlog in zicht.

Nationaal Belang
Wekelijks krijgt het Bevrijdingsmuseum Zeeland wel schenkingen aangeboden, waarachter vaak bijzondere verhalen schuilgaan. Het komt echter maar zelden voor dat er kan worden gesproken van een historische vondst. Arthur Seyss-Inquart was de hoogste vertegenwoordiger in Neder­land van de Duitse bezetter. Het behoeft geen commentaar dat zijn persoonlijke eigendom­men van groot historisch belang zijn. Daarom heeft het Bevrijdingsmuseum Zeeland besloten het object over te dragen aan het Nationaal Militair Museum (NMM) te Soesterberg. Het NMM heeft in zijn collectie o.a. het uniform van Seyss-Inquart.

Niet Weggooien 
Het doel van de actie ‘Niet weggooien’ is om voorwerpen en documenten uit de oorlogsjaren te bewaren voor de toekomst. Nog altijd duiken namelijk bijzondere objecten uit de Tweede Wereldoorlog op. Soms bij een verhuizing, soms bij de verbouwing van een woning of zomaar bij het opruimen van een zolder. Variërend van een stapeltje brieven of foto’s, tot dagboeken, documenten of een voorwerp. Afgelopen jaren mocht het Bevrijdingsmuseum heel wat schenkingen ontvangen, heeft u thuis nog iets liggen waar een bijzonder verhaal achter schuil gaat? Neem dan contact met ons op.  

object van de maand augustus 02